Peter
Fotograaf: Joep van Uden
Concept: Marjolein Buijs en Mathiske Roex
Project & Tekst: Mathiske Roex
Waar kunnen mensen jou van kennen?
Mensen zullen mij kunnen kennen van de zonnebank. Ik ben meer dan twintig jaar ondernemer geweest. En nu eventueel als het gezicht van de garderobe van de Lievekamp. Ik werk daar inmiddels alweer bijna drie jaar. Mensen denken vaak dat ik daar al heel lang werk, maar dat is dus helemaal niet zo. Ik heb ook in de horeca gewerkt, bij Jacques. Daar ben ik eigenlijk begonnen. En wat mensen misschien niet van mij weten, is dat ik ook tv-werk heb gedaan. Ik heb bij de Sylvia Millecam Show gewerkt, als vaste figurant, en ik heb met Joop Doderer gewerkt. Ik kwam ook nog op tv en heb wat reclamefilmpjes gedaan, onder andere voor Amstel. Dat wereldje vond ik altijd leuk. Theater sowieso: show, ballet, dansen, musicals, heel erg leuk! Ik ben echt van de show.
Aan welke plek in Oss of omgeving heb jij mooie herinneringen?
Het oude gemeentehuis. Daar ben ik getrouwd en dat was toen het eerste homohuwelijk in Oss. Dus dat geeft die plek voor mij iets heel speciaals. Op 1 april werd het huwelijk officieel mogelijk in Nederland en 23 dagen later ben ik getrouwd. Het heeft ook nog in de krant gestaan. Inmiddels zijn we 25 jaar getrouwd. Dat hebben we afgelopen jaar weer in de Lievekamp gevierd, dus de Lievekamp komt eigenlijk iedere keer wel een beetje terug in mijn leven.
Ik woon nu zo’n dertig jaar in Oss. Ik kwam hier vanuit Rotterdam naar toe voor de liefde. We hebben eerst tien jaar een relatie gehad waarin we in de weekenden heen en weer gingen. Ik zei toen altijd als ik de Brienenoordbrug overging richting Rotterdam: “Ik ben weer thuis.” Ik dacht ook altijd: als onze ouders er niet meer zijn, dan ga ik weer terug naar Rotterdam. Maar inmiddels wil ik niet meer weg hier. Het woont gewoon goed.
Ook de kermis hoort bij mijn herinneringen aan Oss. Die was vroeger heel groot, met al die terrassen. Dan kwam ik speciaal vanuit Rotterdam naar Oss voor de kermis, voor de familie en vrienden. Vroeger liep je daar echt de ronde en liep je eigenlijk een beetje te paraderen.
Tegenwoordig loop ik ook bijna iedere dag door Oss. Daar ben ik vorig jaar mee begonnen. Dan loop ik kriskras door Oss en kom ik soms op plekken waarvan ik denk: “is dit ook in Oss?” Ik groet ook bijna iedereen. Mensen staan dan soms te kijken, maar ja. Ik zeg altijd gedag, vriendelijk zijn, dat kost niks.
Welke mooie veranderingen heb jij gezien in Oss de laatste jaren?
Het Warenhuis. De oude V&D die nu een mooie uitstraling heeft gekregen. Zowel de buitenkant als de binnenkant. Ik ben er nog maar één of twee keer binnen geweest, maar ik vind het heel leuk dat ze oude dingen, zoals het V&D-logo, hebben bewaard. Dat is toch een stukje herkenning.
De Raadhuislaan gaat natuurlijk ook helemaal op de schop met een nieuw theater, dus daar kijken we ook naar uit.
Er zijn in de stad dingen verdwenen en er zijn minder winkels. Maar de tijd is natuurlijk ook veranderd. Mensen winkelen vaak online en dat heeft ook een reden dat kleine winkeltjes verdwijnen. Nu gaat bijvoorbeeld de Rozemarijn weg. Ik kwam er niet, maar het is wel een soort herkenbaar punt in de stad. Je hoeft tegen mensen maar ‘Rozemarijn’ te zeggen en ze weten precies waar het is. Maar ik zeg altijd: “Er komt wel weer iets anders moois voor terug.”
Ik vind dat er in het centrum best veel dingen te beleven zijn. Mensen mopperen daar weleens over, maar ik denk altijd: “Kijk nou even naar de mooie dingen.” Die terrassen met de kermis, dat is minder geworden, maar daartegenover zijn er weer meer evenementen gekomen. Die had je vroeger niet.
Als jij een toverstafje had, wat zou je dan veranderen aan Oss?
Minder vuil op straat. Soms staat er bij de ondergrondse containers zoveel rotzooi. Ook in de stad gooien mensen alles van zich af. Dus dat zou ik veranderen. En misschien wat groener. Er wordt natuurlijk veel gebouwd en dat gaat soms ten koste van groen. Als bomen weg moeten, begrijp ik best dat bijvoorbeeld de riolering ook moet gebeuren, maar als je er iets nieuws voor terugzet, duurt het weer jaren voordat dat een beetje aangegroeid is. En ik zou misschien een wat voller centrum willen. Het staat natuurlijk best wel leeg, zeker rond het Warenhuis. Tegelijkertijd zijn het ook grote winkelpanden om te vullen. En mensen mopperen wel dat winkels verdwijnen, maar bestellen ondertussen alles online of gaan naar de grote stad. Dan krijgen de winkels die er wél zijn natuurlijk ook geen kans.
Wat wil jij meegeven aan anderen in deze stad?
Wat verdraagzamer zijn. Niet altijd al mopperen als er plannen komen voordat die plannen überhaupt door zijn. Bij sommige dingen mag je natuurlijk best mopperen. Ik heb zelf bijvoorbeeld ook wel mijn gedachten over het parkeerbeleid. Maar soms zijn mensen heel erg kortzichtig. Dan is het altijd mopperen op de stad: dat er nooit iets te doen is, dat er zoveel leeg staat of dat het ergens anders leuker is. Terwijl ik denk: “Probeer eerst hier de leuke dingen van Oss te zien.” Er zijn best wel leuke dingen in Oss. Maar als daar je interesse niet ligt, dan zie je die leuke dingen ook niet. Je moet er een beetje voor openstaan. In de Peperstraat moet je bijvoorbeeld gewoon de moeite nemen om niet alleen over de Heuvel te lopen, maar ook eens een straatje in te slaan. En als je op maandagochtend door de Peperstraat loopt, is het natuurlijk minder leuk dan op een mooie dag als de terrasjes vol zitten. Dat is logisch.
Wat is voor jou het ware thuis? Wanneer weet jij: ik ben hier thuis?
Mijn huis, waar ik woon, voelt van mij. Het voelt gewoon veilig. We wonen in een leuk straatje en je kent de buren. In Rotterdam woonde ik ook leuk, maar daar weet je eigenlijk bijna nooit wie er naast je woont. Hier weten de buren soms juist álles van je. Mijn achterbuurvrouw zei een keer: “Je was gisteren weer laat thuis.” Toen zei ik: “Hoezo weet je dat?” Ze had me op de camera gezien. Je kunt dan denken: “waar bemoei je je mee?” Maar je kunt ook denken: “dat is eigenlijk wel fijn. Als ik ’s avonds in de steeg achter neerval, weet ze het waarschijnlijk ook.” Dat er een beetje op je gelet wordt, dat is voor mij toch dat dorpsgevoel. En mensen herkennen je hier. Er is niks zo fijn als wanneer je naar een winkel gaat en ze zeggen: “Oh hallo, ben je er weer?” Of: “Leuk dat je er weer bent.” Dat vind ik fijn. Als ik bij de bakker kom, vind ik het leuk om een praatje te maken. En helemaal als ze dan weten welk brood je eet, dat geeft voor mij dat thuisgevoel. Dat probeer ik zelf bij mijn werk ook aan anderen te geven. We hebben gasten die iedere twee weken komen en als iemand mij iets vertelt, weet ik dat twee of drie weken later vaak nog. Iemand vertelde bij de zonnebank bijvoorbeeld dat ze ging trouwen. Toen ze daarna weer kwam, vroeg ik hoe haar bruiloft was geweest en kreeg ik alle foto’s te zien. Dat vind ik leuk. Ik wil mensen graag het gevoel geven dat ze gezien worden. Daarom zeg ik bij de Lievekamp ook altijd: “Het feestje begint bij de garderobe en eindigt bij de garderobe.” Mensen komen soms een beetje knorrig binnen. Misschien hebben ze een drukke dag gehad of ging het parkeren niet goed. Maar dat moet je dan loslaten. Hier kom je binnen voor een gezellige avond. Ik probeer altijd vriendelijk te zijn en aan het einde vraag ik hoe het is geweest. Dat vind ik het leukste: echt die hospitality, die zorgzaamheid.
Is Oss jouw Ware thuis?
Ja, nu wel. “Nu zeg ik volmondig ja.” Ik kwam hier ooit voor de liefde en dacht lange tijd dat ik uiteindelijk weer terug zou gaan naar Rotterdam. Inmiddels wil ik niet meer weg. Het is hier lekker rustig en mensen kennen mij. Als ik in Rotterdam ben, ben je gewoon een nummer. Hier ga ik naar de stad en zwaai ik naar mensen. Mensen herkennen je. “Het voelt een beetje als een klein dorp waar je dan in loopt.” Ik zeg thuis zelfs altijd als ik naar het winkelcentrum in de Ruwaard ga: “Ik ga even naar het dorp.” Ik hou nog steeds van de energie van een grote stad. Ik ga graag een dag naar Amsterdam of Rotterdam, maar daarna ben ik ook weer blij als ik terugga. “Ik hou van de energie van de stad, maar hier ontprikkel ik daarna weer. En misschien zegt het ook wel iets dat zelfs mijn moeder uiteindelijk deze kant op is verhuisd. Ik voel me eigenlijk snel ergens thuis en pas me makkelijk aan, maar Oss is nu wel mijn thuis.
Oss is thuis voor mij geworden.
Fotograaf: Joep van Uden
Concept: Marjolein Buijs en Mathiske Roex
Project & Tekst: Mathiske Roex
Het Ware Thuis
Wat maakt een plek tot thuis? Diezelfde vraag staat centraal in onze nieuwe theatervoorstelling Het Ware Thuis. Na sluitingstijd verandert Osse Cultuurmakers het hele Warenhuis in een theater voor een grootschalige locatievoorstelling die speciaal voor deze plek wordt gemaakt. Meer dan 75 professionele spelers en vrijetijdsspelers brengen samen met zang, live muziek, decor en licht het gebouw tot leven.
En jij zit niet in een theaterzaal. Je trekt zelf dwars door Het Warenhuis, over trappen en door gangen, tussen duizenden boeken en langs onverwachte plekken. Onderweg voert de voorstelling je langs verschillende generaties die hun thuis vonden op deze plek: van het kerkje dat hier ooit stond en de jaren van V&D tot Het Warenhuis van nu. Een voorstelling over familie, verandering, ergens bij horen en de vraag wat een plek tot thuis maakt.
Beleef Het Ware Thuis van 27 oktober t/m 8 november in Het Warenhuis.